“Je moet gewoon even helemaal niets doen.”
Ja. Leuk advies.
Voor iemand met AD(H)D kan helemaal niets doen namelijk betekenen dat mijn hoofd binnen drie minuten een complete vergadering heeft belegd. Over alles wat ik nog moet doen, ben vergeten te doen of misschien ooit nog zou kunnen gaan doen.
Rust is dus best een interessant begrip.
Ik wilde ontprikkelen. Even weg van schermen, geluiden, mensen en die eindeloze stroom aan informatie.
Maar op een stoel zitten en naar een boom kijken?
Nee.
Dat was allesbehalve rustig. Dat was vooral: hoe lang moet ik hier nog zitten?
Dus ging ik vissen.
En daar gebeurde iets onverwachts.
Aan het water was het stil. Geen meldingen. Geen drukte. Geen vijf gesprekken tegelijk. Alleen natuur, water, wind en een hengel.
Maar ik zat niet zomaar te zitten.
Ik was op zoek.
Naar grote roofvissen.
Waar zouden ze liggen? Hoe diep? Welke plek? Welke techniek? En vooral: wanneer komt die aanbeet?
En daar kwam het bijzondere samen.
Mijn omgeving werd rustiger, terwijl mijn focus juist scherper werd.
Een soort hyperfocus.
Alles draaide ineens om dat ene stukje water.
En dan ineens…
Tik.
Beet.
Op zo’n moment is er van “ontspannen” weinig meer over. Hartslag omhoog, aandacht volledig scherp en alle zintuigen op standje waar is die vis?!
En toch voelde het goed.
Heel goed zelfs.
Want misschien is dat wel iets wat we verkeerd begrijpen aan rust.
We denken vaak dat rust betekent dat je niets doet.
Maar misschien betekent rust voor sommige mensen vooral dat je niet honderd dingen tegelijk hoeft te verwerken.
Je hoeft niet per se stil te zitten.
Je mag wandelen.
Tekenen.
Tuinieren.
Knutselen.
Of iets zoeken waarbij je handen bezig zijn en je hoofd maar één ding tegelijk hoeft te volgen.
Of, zoals ik ontdekte: urenlang struinend zoeken in de hoop dat een roofvis besluit je dag compleet te maken.
Het verschil zit niet altijd in wat je doet.
Het zit in waar je aandacht naartoe gaat.
Voor sommige mensen is rust: geen focus.
Voor anderen is rust juist: één focus.
En misschien is dat voor een AD(H)D-brein wel een belangrijk verschil.
Want mijn hoofd hoeft niet altijd uit.
Soms heeft het gewoon een kanaal nodig om op af te stemmen.
En soms is dat kanaal… een dobber.
Maar meestal een kunstaas.
Of de hoop op die ene enorme snoek.
Want rust hoeft helemaal niet saai te zijn.
Rust kan ook spannend zijn.
En misschien is dat precies waarom het werkt.
Niet minder doen. Minder tegelijk.
Aan de waterkant verdwijnen de barrières die op de werkvloer soms zo stevig overeind blijven staan
Er gebeurt iets bijzonders wanneer je met elkaar aan de waterkant staat.
Je hoofd uitzetten? Misschien moet je juist iets dóén
“Je moet gewoon even helemaal niets doen.”